Het was een prachtige zonnige en frisse dag in Amsterdam. Zoals vaker waren we weer met een leger aan mensen de straat op. Mensen die allemaal het verlangen hadden om anderen te vertellen dat Jezus leeft. Dat God Zichzelf verzoend heeft met de mensen door Jezus Christus. Dat ze dat alleen nog wel aan moeten nemen, wat een goed nieuws! (2 Kor. 5) Sommige mensen wat gespannen, omdat ze voor het eerst waren, maar doordat ze mee waren met een ervaren trainer, hadden ze er vertrouwen in.

Ik liep even alleen. Had de groep aangevuurd voor die dag en liep vol goede moed de straten door en sprak veel mensen aan.
Toen ineens een bijzonder stel op mijn pad kwam. Een vrouw met een paars gewaad en hindoeïstische achtergrond, en haar Nederlandse man.
De man afwerend en de vrouw hongerig.
Ik stelde hen de vraag: ‘Heeft iemand jullie weleens verteld dat God van jullie houdt en een geweldig plan voor jullie leven heeft?’
De man zuchtte zichtbaar en reageerde geïrriteerd: ‘Vast wel, maar het hoeft verder niet hoor, ik ben atheïst.’
De vrouw lachte om hem en zei: ‘Ik wil het horen, dus vertel…’
Dus ik begon te vertellen dat God van ons houdt, een geweldig plan met ons leven heeft, maar dat we allen zonde hebben gedaan en dit scheiding brengt tussen God en ons, en dat Jezus kwam om de scheiding op te heffen,
Om mensen te verzoenen met God.
“Oke,” reageerde de vrouw helemaal enthousiast, “en wat moet ik dan nu doen hiervoor? Moet ik met je mee naar huis? Gaan we naar de kerk? Wat gaan we dan nu doen om daar te komen?”
Dus ik vertelde haar dat ze Jezus kon aannemen om een kind van God te worden.
Maar allen die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven kinderen van God te worden, namelijk die in Zijn Naam geloven. Joh. 1:12
‘Dat wil ik!’ riep ze uit. ‘Hoe gaan we dat doen?’
Dus samen baden we: Heere Jezus, komt U in mijn hart en vergeef me mijn zonden. Ik geloof dat U de Zoon van God bent en uit de dood bent opgestaan… Enz.
Helemaal blij gaf ze me een knuffel.
Haar man stond haar vertwijfeld aan te kijken en zei: “Oké. Als jij hier blij van wordt, moet je dat doen.”
Ik nodigde beide uit voor de kerk en zei: De relatie met God is de belangrijkste, maar komt u een keertje in de kerk kijken? Niemand bindt u vast, dus u kunt er zo weer in en uit lopen, zei ik erachteraan.
Nou, zei de vrouw, dat wil ik wel.
Maar hem kunt u beter wel vastbinden, anders komt hij niet.
Samen lachten we en vol blijdschap gingen we allen onze weg weer, nadat ik ze nog wat meer had uitgelegd en een Bijbel had mee gegeven.
