Een klant uit Antwerpen belde mij met de vraag of we zijn spullen heel snel in Antwerpen konden bezorgen.
“Wanneer heeft u het nodig?” vroeg ik. “Morgen,” was het antwoord. Morgen al was echt te snel; dat ging helaas niet lukken. Ik gaf aan dat hij het wel bij ons kon komen afhalen. Het was een flink stuk rijden, dat besefte ik, maar zo kon hij toch geholpen worden. Hij besloot een spoedkoerier onze kant op te sturen.
Het was een oudere man, zichtbaar wat zenuwachtig. “Zou u voor mij een paar formulieren willen invullen, mevrouw?” vroeg hij. “Natuurlijk,” zei ik. “En wilt u ondertussen een bakkie koffie?” Dat wilde hij graag. Ik geloof dat niemand zomaar voor niets komt, en dat er altijd een gelegenheid is om het goede nieuws te delen. Dus stelde ik hem de vraag: “Heeft iemand u weleens verteld dat God van u houdt en een goed plan heeft voor uw leven?”
“Ja, dat heb ik weleens gehoord,” zei hij. “Maar eerlijk gezegd weet ik niet zo goed of dat plan wel zo goed is voor míjn leven.”
En hij begon zijn levensverhaal te vertellen. Hij had drie winkels gehad, had enorm goed gedraaid: een grote villa, meerdere mooie auto’s, verre vakanties en volop genieten met alles wat de rijkdom bracht. Maar zijn boekhouder bleek een dief te zijn. Hij werd voor enorme bedragen opgelicht en verloor alles. Alle drie zijn zaken moesten sluiten en hij raakte zijn persoonlijke spullen kwijt, zijn huis als klap op de vuurpijl.

Eigenlijk had hij nu met pensioen moeten zijn, maar in plaats daarvan moest hij blijven werken om rond te komen. En alsof dat nog niet genoeg was, was zijn vrouw ook ernstig ziek geworden. ‘Zou dat dan van God komen?’
Ik vertelde hem dat de duivel komt om te roven, te stelen en te vernietigen, maar dat Jezus is gekomen om leven te geven — en leven in overvloed.
Hij glimlachte. “Dat is mooi,” zei hij. Ik vertelde hem het volle evangelie. Hoe God de wereld zo lief had, dat Hij Zijn zoon had gegeven, en hij luisterde aandachtig. Je zag zijn gezicht zachter worden, hoopvoller. Ik mocht voor hem bidden, en hij bad met mij mee:
“Lieve Heere Jezus, kom in mijn hart en vergeef mij mijn zonden…” Na het amen sloeg hij zijn armen om mijn nek. “Mevrouw, echt ontzettend bedankt. Ik voel weer hoop.” Ik moedigde hem aan om in het Woord te lezen en God echt te zoeken. God zegt niet alleen: Geef Mij je woorden, maar: Geef Mij je hart. Hij knikte. En toen ging hij terug naar Antwerpen.
Als wij beschikbaar zijn — ook als ondernemers — kan de Heer zóveel doen door onze bedrijven heen.
Vroeger bad ik: “Heer, breng de mensen maar.” En als er dan iemand kwam, zei ik niets. Totdat de Heer zei:
“Ga uit in de hele wereld en vertel het hun.” Sinds ik dat ben gaan doen, stuurt Hij ook werkelijk mensen onze kant op. Want Hij kan ons alleen gebruiken als we doen wat we zeggen. Hij zoekt beschikbare vaten. Want Zijn ogen gaan over de hele aarde, op zoek naar hen wier hart volkomen naar Hem uitgaat.
